Afrika na het WK (deel I)

Afrika na het WK (deel I)

Nu het wereldkampioenschap voetbal erop zit, de vuvuzela’s (gelukkig!) naar zolder zijn verhuisd en de ogen van de wereld niet langer gericht zijn op sportieve prestaties en wanprestaties in Soccer… Afrika na het WK (deel I)

Nu het wereldkampioenschap voetbal erop zit, de vuvuzela’s (gelukkig!) naar zolder zijn verhuisd en de ogen van de wereld niet langer gericht zijn op sportieve prestaties en wanprestaties in Soccer City, zullen sommigen verwachten dat Zuid-Afrika en het Afrikaanse continent als geheel zullen wegzinken in de vergetelheid. Goed, een ‘verloren continent’ zal men Afrika na het geslaagde voetbaltoernooi -het eerste WK op Afrikaanse bodem- niet meer noemen. Wordt het dan een vergeten continent? Dat is niet te hopen voor de Afrikanen zelf. Maar ook voor westerse beleggers is het de moeite waard om niet al te vergeetachtig te worden als het gaat om Afrika. In een trilogie (vandaag deel I) wil ik ingaan op het wel en wee van de Afrikaanse economie, het effect van de mondiale crisis en investeringskansen die dit werelddeel biedt.

Imagoprobleem

Het imago van Afrika is, zacht gezegd, niet al te best. Misschien dat het WK 2010 daar enige verandering in heeft gebracht voor wat betreft Zuid-Afrika. Maar de beelden van uitgemergelde kinderen in vluchtelingenkampen, platgebrande dorpen en mannen met machetes staan al decennialang op ons netvlies; enkele mooie voetbalwedstrijden in één specifiek land veranderen daar weinig aan. De vraag rijst echter, of (burger-)oorlogen, honger en armoede bepalend moeten blijven voor onze visie op Afrika. Dat er veel mis is, staat buiten kijf. De recente bomaanslagen in de Ugandese hoofdstad Kampala (niet geheel toevallig vonden de aanslagen plaats tijdens de WK-finale) illustreren dat een aantal gebieden binnen het continent nog steeds als kruitvat kan worden beschouwd. Maar in de afgelopen jaren is er veel ten goede veranderd.

Ambitieus

Het keerpunt voor Afrika lijkt te liggen in de jaren negentig van de vorige eeuw, zo schrijft Paul Collier (hoogleraar Economie aan de Universiteit van Oxford) in het McKinsey-rapport The case for investing in Africa (juni 2010). Macro-economische hervormingen resulteerden in de periode 1995-2005 in een beheersbare inflatie en verbeterde internationale handelsbetrekkingen. Hierbij wist Afrika ook sterk te profiteren van de enorme stijging van grondstoffenprijzen (op de rol van de commodity boom kom ik nog terug).

Bovendien verbeterde het politieke klimaat in veel landen én tussen landen onderling. Waar veel Afrikaanse leiders lange tijd excelleerden in zelfverrijking ten koste van de bevolking, stelt Collier vast dat machthebbers als president Museveni (Uganda) en de Ethiopische premier Meles zich in toenemende mate inzetten voor economische hervormingen en (voorzichtige) democratisering. Maar ook niet-democratische leiders hebben geleerd van fouten uit het verleden. En je hoeft niet democratisch te zijn om bepaalde ambities te koesteren, aldus Collier:

Some of Africa’s coming economic successes will be in societies that have won the struggle for accountable democratic government. But others will be in societies in which autocratic leaders have become ambitious for national goals rather than merely for power and privilege.

Meer dan grondstoffen

Afrika profiteert, zoals gezegd, in sterke mate van de enorme stijging van de grondstoffenprijzen. Het continent is gezegend met een indrukwekkende hoeveelheid natural resources, waaronder olie, goud, koper en diamanten. We hoeven alleen maar te denken aan de recordniveaus die de olieprijs in 2008 bereikte en de huidige toppen die de goudprijs neerzet, om ons te realiseren dat de commodity boom Afrika geen windeieren heeft gelegd.

Sceptici zullen meteen wijzen op het feit dat de olieprijs rond het begin van de kredietcrisis totaal instortte. Zijn de Afrikaanse economieën niet te sterk afhankelijk van de ontwikkelingen op de grondstoffenmarkten? Als we het onderzoeksteam van het McKinsey Global Institute mogen geloven, is dat niet het geval. In een recent verschenen publicatie wijst McKinsey erop, dat het Global Domestic Product (GDP) van het Afrikaanse continent in de periode 2000-2008 (dus tijdens de grondstoffenhausse) voor minder dan een kwart op het conto kwam van commodities:

 

Bron: McKinsey Global Institute, juni 2010.

Hoewel resources een belangrijk onderdeel van het totale Afrikaanse GDP uitmaakten, dienen de overige sectoren niet te worden uitgevlakt: groothandel, retail en landbouw vormden samen al een groter aandeel van het GDP, en dan laten we de andere sectoren nog buiten beschouwing.

Dat de economische groei in Afrika slechts te danken is aan stijgende grondstoffenprijzen, is dus te kort door de bocht. Andersom geredeneerd: toen de prijzen van grondstoffen in 2008 begonnen te dalen, was daarmee niet het hele fundament onder de Afrikaanse groei weggeslagen. Meer hierover in het tweede deel van deze column, waarin tevens de impact van de mondiale crisis aan de orde zal komen.

Allard Gunnink

Beleggers Coöperatie

Disclaimer

Allard Gunnink is als redacteur werkzaam voor de Beleggers Coöperatie, de beleggingssupermarkt van Nederland. Deze column is niet bedoeld als beleggingsadvies. De auteur kan posities hebben in (beleggingsinstrumenten op) onderliggende waarden die hij beschrijft.