China: easing does it

China: easing does itDe HSCEI index kende dit jaar een prima start. Vanaf de slotstand op 9.936,48 punten van eind 2011, vloog de index met bijna 20% omhoog tot een intraday high van 11.916,1 punten op 20 februari jl. Daarna is het sentiment geleidelijk aan verslechterd, waar de afgelopen dagen een versnelling in… China: easing does it De HSCEI index kende dit jaar een prima start. Vanaf de slotstand op 9.936,48 punten van eind 2011, vloog de index met bijna 20% omhoog tot een intraday high van 11.916,1 punten op 20 februari jl. Daarna is het sentiment geleidelijk aan verslechterd, waar de afgelopen dagen een versnelling in lijkt te zijn gekomen. Inmiddels is de HSCEI index sinds de top in februari alweer ruim 9% gedaald.

Wat is er aan de hand?
Ten eerste heeft China de economische groeidoelstelling verlaagd van 8% naar 7,5%. Dat was niet bevorderlijk voor het sentiment, maar zelf vond ik het niet zo schokkend. De groei wordt logischerwijs lager met het tot wasdom komen van een opkomende economie. Daarnaast is de 7,5%-groei als ondergrens gesteld en ontstaat met een lagere target meer ruimte om te letten op kwaliteit in plaats van kwantiteit.

De beursdaling wordt met name veroorzaakt door toenemende signalen van een afzwakkende Chinese economie. Zo viel de exportgroei over februari veel lager uit dan de verwachte 31,1%. Overall groeide de export slechts met 6,9% over de eerste twee maanden van 2012. De inkoopmanagers index duidt nog steeds op verzwakking en vorige week maakte de Chinese Auto Associatie bekend dat de target van 8% voor de autoverkopen van dit jaar waarschijnlijk niet wordt gehaald.

Daarnaast heeft China voor de 2de keer in 6 weken tijd de brandstofprijzen verhoogd. Benzine en diesel worden respectievelijk 7% en 7,8% duurder. De hoge olieprijs drukt ook op de marges van bedrijven die zich al geconfronteerd zien met een lagere groei in de export.

Ondertussen zijn in de media dagelijks doemscenarios te lezen over de vastgoedmarkt, maar ondanks dit probleem houden gerenommeerde researchhuizen en instituten vast aan een zachte landing, waarbij gemiddeld een economische groei wordt verwacht van 8,5%.

Wat moet je hiermee als belegger?
Als discussies over het wel en wee van de economie het zicht vertroebelen op de beurs, is het wellicht handig om te kijken naar de geldhoeveelheid. De geldhoeveelheid werkt als een gaspedaal voor de beurs. Dit bleek wel ten tijde van de kredietcrisis in 2008.

Toen kwam de Chinese overheid met een stimuleringspakket van $ 585 miljard dollar en mochten banken voor een record aan $ 1300 miljard aan nieuwe leningen verstrekken, waardoor de geldhoeveelheid in de economie met meer dan 30% steeg. Tegelijk met het stijgen van de geldhoeveelheid vlogen de koersen omhoog.

Keerzijde is dat, met enige vertraging, de inflatie ook stijgt. Vorig jaar hebben de Chinese beleidsmakers alles uit de kast moeten halen om de gestegen inflatie weer onder controle te brengen. Dat is gelukt. In februari kwam de inflatie uit op 3,2% en dat is ruim onder de gestelde target van 4%.

Vandaar dat de markt nu verwacht, in het licht van de signalen van een afzwakkende economie, dat de overheid haar verkrappende beleid weer zal draaien naar nieuwe stimulerende maatregelen. Echter tijdens het jaarlijkse nationale volkscongres, dat begin maart in Beijing werd gehouden, werd bekend gemaakt dat de target voor de geldhoeveelheid voor dit jaar is gesteld op een groei van 14%.

Dit is geen waarde die hoort bij stimulering. Kennelijk hebben de beleidsmakers geleerd van het inflatieprobleem en gaat men zeer gedoseerd te werk met het gaspedaal. Maar dit voorzichtige beleid wordt doorkruist door de Westerse landen.

In Europa wordt wel degelijk het gaspedaal ingetrapt ter bestrijding van de huidige crisis en in de VS is de geldhoeveelheid (M1) naar een record gestegen (zie grafiek). In een verkiezingsjaar, mag er natuurlijk niks mis gaan met het economisch herstel.

De groeiende liquiditeit vanuit het Westen overspoelt de emerging markets. Zo heeft President Rousseff van Brazilië haar beklag bij de Duitse bondskanselier Merkel gedaan over de overtollige liquiditeit gecreëerd door Westerse centrale banken en spreekt van een “monetaire Tsunami”.

Vanwege de groei in de geldhoeveelheid, dit keer vanuit het Westen, ga ik er vanuit dat 2012 een goed beursjaar wordt voor China. En voor de VS. Ik maak me meer zorgen over volgend jaar. Dan zijn de verkiezingen in de VS voorbij zijn en wordt de broekriem weer aangehaald. Dan zal ook de keerzijde van het ruime monetaire beleid zich aandienen: inflatie. De Chinezen weten dat straks opnieuw inflatie dreigt. Reken daarom niet op veel stimulering vanuit Beijing.

Marco Balk
Portfolio manager
Interefffekt Investment Funds

Bron: Bloomberg
 
Voor de grafiek verwijzen we u naar het weekblad.