De Sinterklaasfactor (Brecht Arnaert)

Ik moet ongeveer 11 jaar geweest zijn toen ik ontdekte dat Sinterklaas niet bestaat. Ik was later bewust dan de meeste kinderen, besefte ik nadien, omdat ik geobserveerd had hoe er in de klas al geruime tijd allerlei grapjes werden gemaakt die ik maar niet begreep. Ik schonk er niet veel aandacht aan, tot ik natuurlijk wist hoe de vork aan de steel zat. Dan pas had ik door dat zij meer wisten dan ik.


In feite is het wreed om kinderen wijs te maken dat er zoiets bestaat als een goede man met een witte baard, die je evenwel kan straffen door aan zijn zwarte assistent de opdracht te geven u in een juten zak te stoppen. Persoonlijk was ik nooit bang van het feit dat de man zwart was: de suggestie zonder adem te zitten in een zak, en dan ergens wie-weet-waar te worden bijgehouden, was voor mij al genoeg om mij jarenlang een brave jongen te laten zijn.
Tot ik op een dag Sint-Maarten (ik kom uit het Ieperse) strontzat met zijn baard in zijn nek uit cafĂ© ’t Kerverijtje zag komen, steunend op Zwarte Piet, die al evenveel moeite had om zich recht te houden. Ik zal dat beeld nooit vergeten. Ik liep naar binnen, kwaad, en eiste dat mijn ouders de waarheid zouden vertellen. Hoe was het mogelijk dat ik, brave jongen, mij steeds aan de regels gehouden had, en volwassenen zomaar tegen mij mochten liegen? Toen heeft mijn vader mij een belangrijke les geleerd: “Jongen, niet alles wat je verteld wordt is waar.”
Lees verder…