Een duizelingwekkende geldcarrousel

Terwijl zo ongeveer alle beleggingen dit jaar zwaar in de min staan is er één die heldhaftig stand houdt, sterker nog, die bezig is aan een glorieuze haussemarkt.
Als gevolg van de… Terwijl zo ongeveer alle beleggingen dit jaar zwaar in de min staan is er één die heldhaftig stand houdt, sterker nog, die bezig is aan een glorieuze haussemarkt.
Als gevolg van de sombere economische vooruitzichten en de renteverlagingen van de centrale banken als reactie daarop bevindt de rentevergoeding op staatsleningen zich op een historisch laag niveau. Op de T-Bills – Amerikaanse staatsleningen met een korte looptijd – hoeft de overheid vrijwel geen rente meer te vergoeden. De rentevergoeding bedraagt minder dan 0,1%. De tienjaars staatsleningen renderen nog maar 2,7%, het laagste rentepercentage in meer dan 30 jaar. En de long bond – de dertigjarige staatslening in de VS – rendeert momenteel iets boven de 3%. Beleggers in deze obligatie realiseerden dit jaar een rendement van 28%. Is hier sprake van weer een nieuwe zeepbel?
Vlucht naar kwaliteit
Staatsobligaties profiteren wereldwijd van een vlucht naar kwaliteit als resultaat van een steeds verder verslechterend economisch beeld en een mogelijke periode van deflatie die ons staat te wachten. Naar verwachting zullen de centrale banken hun rentepercentages nog verder laten zakken. In de VS nadert men inmiddels – net als in Japan – de magische nulgrens. De Europese Centrale Bank is tot op heden iets terughoudender maar lijkt ook nog niet klaar met zijn renteverlagingen. Terwijl de overheid en de centrale bank van de VS zich steeds dieper in de schulden steken om een naderend economisch onheil af te kunnen wenden, lijkt het vertrouwen van beleggers wereldwijd in diezelfde autoriteiten alleen maar toe te nemen. Beleggers blijven immers maar obligaties kopen. Buitenlandse beleggers voorop want de dollar is dit jaar aan een spectaculaire opmars bezig. De vraag is natuurlijk hoe lang nog?
Stijgende rente
Want wat staat ons te wachten wanneer beleggers niet langer bereid zijn de escapades van de centrale banken en de overheid langer te financieren? Een stijgende rente? Het Japanse voorbeeld wijst eerder op het tegendeel. Al meer dan achttien jaar lang hebben uit de hand gelopen begrotingstekorten en zeldzaam lage rentes beleggers er niet van kunnen weerhouden staatsobligaties te blijven kopen. Dit bij gebrek aan beter. Een ander punt is welk beleid de centrale banken resteert wanneer de rente inderdaad op het nulpunt is aangeland. Vaak wordt beweerd dat ze dan door hun instrumentarium heen zijn. Niets is minder waar. Wederom wijst de Japanse overheid ons de weg. Sinds 2001 voert de Japanse centrale bank een beleid van “quantitative easing” waarbij men door grootschalige aankoop van staatsobligaties de economie volpompt met liquiditeiten. Een mogelijk volgende optie voor de Fed.
Japan lichtend voorbeeld
Sterker nog. De Federal Reserve is hier reeds mee bezig middels het grootschalig opkopen van hypotheekobligaties en slechte bankleningen. Op termijn zou men nog kunnen overgaan tot het letterlijk laten draaien van de bankbiljettenpers door net als in Japan inderdaad ook staatsobligaties op te gaan kopen. Inmiddels wordt her en der gewaarschuwd voor het naderende gevaar van inflatie dat op de loer ligt. Door zoveel geld in omloop te brengen moet de inflatie in de toekomst wel hard gaan stijgen. Maar is dat ook zo?
Geld bijdrukken
Met een werkloosheid die razendsnel oploopt in de VS lijkt dat wel mee te vallen. Een ander gevaar zou zijn dat buitenlandse beleggers niet langer Amerikaanse staatsschuld zouden willen kopen. Maar ach, getuige het koersverloop van zowel de obligaties als de dollar blijkt dat ook wel mee te vallen. Pas als de economie weer gaat aantrekken kan ook de inflatie weer gaan stijgen. Maar dan heeft de staat inmiddels zoveel schuld dat een stijgende inflatie – die de reële waarde van deze schuld immers reduceert – haar wel zo goed uitkomt. Terwijl overal gewaarschuwd wordt dat de Fed geen verdere beleidsopties meer overheeft wanneer de rente het nulpunt nadert is de centrale bank al aan zijn volgende fase begonnen. “Quantitative easing” is inmiddels een feit. De Fed kan zoveel geld drukken als zij wil, voorlopig.
Een rente van bijna nul hoeft overigens beslist niet te betekenen dat geld vrijwel gratis is. Wanneer de rente vervolgens voor deflatie wordt gecorrigeerd kan de reële rente zodanig hoog zijn dat het voor beleggers interessant blijft in staatsleningen te blijven beleggen. Zie wederom Japan.
Jan-willem Nijkamp
Jan-willem Nijkamp is Senior Vermogensbeheerder bij de onafhankelijke vermogensbeheerder Inmaxxa (www.inmaxxa.nl). Hij begeleidt vermogende particulieren en instituten. Disclaimer Nijkamp: niet van toepassing.