Inflatie, deflatie of toch hyperinflatie?

Wat zal de toekomst ons brengen ten aanzien van inflatie? Zullen de prijzen gaan stijgen of gaan dalen? De vraag of de prijzen zullen dalen of stijgen, is naar mijn mening ook niet de juiste vraag. Een… Wat zal de toekomst ons brengen ten aanzien van inflatie? Zullen de prijzen gaan stijgen of gaan dalen? De vraag of de prijzen zullen dalen of stijgen, is naar mijn mening ook niet de juiste vraag. Een betere vraag is of de economie zal stabiliseren of zal destabiliseren. En wat zullen de gevolgen zijn voor de gewone man of vrouw?
Inflatie kun je zien als de toename van de geldhoeveelheid of als het stijgen van de prijzen. Kijken naar de toename van de geldhoeveelheid is eenvoudiger en duidelijker. Het stijgen van de prijzen is een gevolg van de toename van de geldhoeveelheid. Het lastige is dat deze toename van de prijzen nauwelijks te meten valt. Je kan wel de kosten van het levensonderhoud meten. Maar het is niet gezegd dat het juist die prijzen zijn die stijgen door de toename van de geldhoeveelheid. Inflatie kan bijvoorbeeld ook leiden tot hogere huizenprijzen of hogere prijzen van aandelen. De laatste tijd lijkt het erop dat het nu juist de grondstoffen zijn die stijgen door de inflatie.
Inflatie ontstaat over het algemeen door een toename van de kredietverlening. In ons huidige systeem komt geld in het systeem door het uitschrijven van leningen. De kredietverlening bepaalt daarmee ook de omvang van de geldhoeveelheid. Denk bijvoorbeeld aan de gewone bankrekening. Als je hier 1000 euro op hebt staan dan heeft de bank een schuld aan jou van 1000 euro. Dat je geld op je bankrekening hebt staan, zegt in ieder geval niet dat de bank 1000 euro voor jou in beheer heeft.
De kredietverlening wordt gestimuleerd door lage rentes van centrale banken. Is dat nog niet genoeg, dan gaat de centrale bank zelf geld uitlenen om zo de kredietverlening op gang te krijgen. Zij kopen obligaties van bedrijven of overheden en zo lenen zij geld uit aan deze bedrijven of overheden. Dit geld komt uit het niets, dat wil dus zeggen dat er niet iemand is die geld heeft gespaard om deze lening mogelijk te maken. Er wordt dus geld uitgeleend dat niet eerst gespaard is. Ten tijde van een hoogconjunctuur verloopt de groei van de kredietverlening vrij makkelijk. De mensen zijn optimistisch en mensen willen graag geld lenen voor nieuwe uitgaven of investeringen. Tijdens een hoogconjunctuur zie je dan ook vaak prijsstijgingen. Deze prijsstijgingen zijn het gevolg van de extra kredietverlening en de extra vraag die dat oplevert.

Door kredietverlening kun je meer uitgeven dan je inkomen. Dat inkomen wordt bepaald door hetgeen je produceert. Door de leningen wordt de koopkracht groter dan de productie en zo ontstaat er een opwaartse druk op de prijzen. In een laagconjunctuur is het lastiger om de kredietverlening op gang te houden. En de centrale bank wil dan juist graag veel kredietverlening, want dat betekent een hoge vraag en een bloeiende economie. Althans voor eventjes, want uiteindelijk moet de prijs betaald worden.
Het verschil tussen vraag en inkomen ontstaat door overheidsinterventie op de markt. Normaal gesproken (op een vrije markt) zijn de leningen en de besparingen gelijk aan elkaar. Als er geld wordt uitgeleend dan is dat eerst gespaard door iemand. De markt zoekt het evenwicht door de juiste rentestand. Maar door tussenkomst van de centrale bank is de koppeling tussen vraag en inkomen verdwenen. Op school hebben veel mensen geleerd I=S. Maar dat is in de huidige situatie niet meer het geval. In een systeem met fractionele reserves kan een bank geld uitlenen dat niet eerst gespaard is.
In een situatie met een goudstandaard en volledige reserves spelen inflatie en deflatie een hele andere rol in de economie. Dan is deflatie juist een teken van economische groei. Het ironische is dat Keynesianen juist inflatie willen in een laagconjunctuur en deflatie (of in ieder geval lagere inflatie) in de hoogconjunctuur. Een goudstandaard met volledig reserve bankieren zou juist dat effect hebben. Maar Keynesianen zijn helaas ook voor het manipuleren van de rentestand en de geldhoeveelheid en daarom zien zij de goudstandaard met volledige reserves niet als alternatief. En zo creëren zij problemen en proberen die dan vervolgens weer op te lossen met allerlei stimuleringsmaatregelen. Zo krijg je een sneeuwbaleffect met als resultaat een lawine van overheidsinterventies. De geschetste situatie in dit artikel moet je dus zien in de huidige situatie met centrale banken en fractioneel reservebankieren.
Ten tijde van een laagconjunctuur is er een groot risico op deflatie in een systeem met fractioneel reservebankieren. Deflatie wil dus zeggen dat de geldhoeveelheid afneemt. Mensen worden voorzichtiger en gaan meer sparen en minder lenen. Bedrijven zien minder mogelijkheden voor investeringen en dus is er ook daar minder vraag naar leningen.
Een andere oorzaak kan zijn dat bedrijven failliet gaan en dat deze kredieten dus verdwijnen. De geldhoeveelheid kan daardoor afnemen of ze gaat minder snel groeien. De neiging is in de laagconjunctuur daardoor om juist minder uit te geven dan het inkomen. Zowel de investeringen als de consumptie dalen. Dat betekent een kleine vraag ten opzichte van de productie en dat zorgt voor lagere prijzen. De uitleg van de nadelen van deflatie houden vaak verband met het aanhouden van spaargeld omdat geld meer waard wordt. Dit is echter weer een omkering van oorzaak en gevolg. Deflatie zal over het algemeen gepaard gaan met een lage rente. De reële rente die je krijgt in een situatie met deflatie hoeft dus helemaal niet hoger te zijn. Er is dus helemaal geen reden om vanwege de prijsdalingen meer te sparen.
Eerder is het omgekeerde aan de hand. Doordat mensen gaan sparen in een fractioneel reservesysteem daalt de geldhoeveelheid en daardoor dalen de prijzen. Dit sparen kan ook in de vorm van het aflossen van leningen. Voor economen komt dit op hetzelfde neer. Het gaat erom dat de bestedingen minder zijn dan de prijs van de totale productie. Omdat het even duurt voordat de prijzen zich aanpassen, is er even te weinig koopkracht om de productie op te kopen. De prijsdalingen zijn dus een gezonde reactie op de ontstane situatie. Door de lagere prijzen wordt de prijs van de totale productie weer gelijk aan de bestedingen. Dan wordt alles weer verkocht en kan iedereen weer aan het werk.
Deze situatie zou je ook zien als de economie nu de kans zou krijgen om zich op een normale manier te herstellen. Als de centrale bank zou stoppen met actief te interveniëren, zou de rente oplopen. Daardoor zou de geldhoeveelheid afnemen. Er zouden faillissementen zijn en banken zouden een tijd lang voorzichtig zijn met uitlenen en zo zouden zij weer meer reserves opbouwen. Door de faillissementen verdwijnen de rotte appels uit de economie en kan het herstel weer inzetten. Verder zal dit aanpassingsproces zich uiten in veranderingen in de prijzen. Deze zaken hebben even tijd nodig en zal gepaard gaan met achteruitgang van koopkracht en werkloosheid. Dit is ook de reden dat geen enkele politicus deze bittere pil wil slikken. Hoewel het hard nodig is om deze correctie door te maken. Maak je schoon schip, dan kan de economie over enkele jaren weer gezond zijn. Maar ik vrees dat dit niet gaat gebeuren en daarom vrees ik voor mijn pensioen.

De andere mogelijkheid is dat er hyperinflatie ontstaat. Men denkt vaak dat hyperinflatie een wat ergere vorm van inflatie is, maar hyperinflatie is een geval apart. Hyperinflatie ontstaat doordat de bevolking het vertrouwen in de munt verliest. Dat kan veroorzaakt worden door een toename van de geldhoeveelheid, maar dat hoeft niet. Inflatie is een toename van de geldhoeveelheid en hyperinflatie is verlies van vertrouwen in de munt en deze twee zijn dus duidelijk verschillend van elkaar.
Men verliest bij hyperinflatie het vertrouwen in de munt en men zal dus overstappen op een alternatief. Dat kan goud zijn of een andere valuta zoals de dollar. Het is ook mogelijk dat men overstapt op ruilhandel, maar dat leidt tot een nog verdere ineenstorting van de economie. Men wil dus ruilen met goud, andere valuta of goederen, maar de eigen munt wil men niet meer aannemen in de winkel. Dat kun je proberen te compenseren door meer van die munt aan te bieden voor hetzelfde. Gerekend in de eigen valuta leidt dit tot belachelijke prijsstijgingen. Maar eigenlijk zeggen deze prijsstijgingen niets meer, omdat de munt praktisch gezien waardeloos is geworden en men alternatieven gebruikt.

De overheid zal dus aansturen op een combinatie van overheidsstimulering en ruim monetair beleid. De overheid zal dus meer geld lenen om investeringen te doen en ze zullen de rente verlagen. Dit kan afhankelijk van de omstandigheden leiden tot zowel deflatie, inflatie als ook hyperinflatie, maar niet tot stabiliteit. Deflatie kan ontstaan doordat je terecht komt in een Japans scenario. De bevolking blijft maar sparen en ook de banken blijven terughoudend met het uitlenen van geld. Er wordt te weinig geconsumeerd en ook te weinig geïnvesteerd. De economie blijft maar aanmodderen omdat bedrijven overeind gehouden worden, die eigenlijk zouden moeten verdwijnen.
Dan moet je denken aan de zogenaamde zombiebanken in Japan die eigenlijk failliet zijn, maar op de been blijven door de enorme hoeveelheid stimulus die de overheid in de financiële sector blijft pompen. Kijken we naar Japan, dan zie we een zeer lange periode van zeer matige economische groei of zelfs krimp. En daarmee is de ellende nog niet ten einde. Want inmiddels heeft het stimuleren ervoor gezorgd dat de overheidsschuld in Japan naar 200% van het nationaal inkomen gaat. En dit heeft geen resultaat opgeleverd. De volgende generatie, die toch al kleiner is door de vergrijzing, zit daardoor met een enorme kater.
Wat zullen nu de gevolgen zijn voor de gewone man als deze scenario’s zich voordoen? De belangrijkste factoren zijn dan het pensioen en het eigen huis. En wellicht zijn er mensen die zich proberen in te dekken door te beleggen in goud. In een situatie van deflatie zoals Japan, zou je denken dat je pensioen veilig is omdat je vermogen meer waard wordt door de deflatie. Maar deze deflatie gaat gepaard met zeer lage rentes en lage rendementen op investeringen. Dat betekent dat het rendement op je gespaarde vermogen dus ook laag is. Dat is nadelig als je vermogen op wil bouwen voor je oude dag. Ontstaat er hyperinflatie, dan ben je uiteraard je hele pensioen kwijt. Het is dan in één klap waardeloos geworden.
Als je een eigen huis hebt, dan is deflatie ook niet positief. De waarde van je huis daalt en de waarde van de hypotheek blijft gelijk. Als deflatie echt doorzet, dan zal ook je salaris dalen en dat zal het lastiger maken om je hypotheek af te betalen. Gaan we uit van een Japans scenario dan gaat het zeker niet best met de economie en is het risico op werkloosheid ook groter en dat kan ook een afbreukrisico zijn voor het afbetalen van de hypotheek. Nu zul je misschien denken dat je in een situatie van hyperinflatie je huis miljarden waard zal worden. Dat is ook zo, maar daar heb je weinig aan, want al die miljarden zijn betekenisloos. Wel is het goed dat je een vaste waarde hebt waar je op terug kunt vallen. De chaos van de hyperinflatie kan echter gepaard gaan met de nodige politieke onrust. En dan het is maar de vraag of je je huis kunt behouden. Je weet uiteraard maar nooit wat de politici doen in een dergelijke situatie.

Nu zul je zeggen dat goud toch een goede belegging is in deze onzekere tijden. En goud kan inderdaad de gevolgen van hyperinflatie verzachten. Alle echte waarden zoals grondstoffen, edelmetalen en voedsel bieden meer zekerheid in deze tijden dan valuta. Maar het is geen wondermiddel. In een situatie van deflatie is het onzeker welke prijzen het snelst dalen. Goud is in Japan redelijk buiten schot gebleven. Goud is uitgedrukt in de Yen ook flink in waarde gestegen.
Goud geeft nog het meeste rendement in een situatie van een gematigde inflatie die niet overslaat in hyperinflatie. Dan denk ik aan een inflatie tussen vijf en vijftien procent. Hyperinflatie is dermate verstrekkend dat je goudvoorraad maar een kleine troost zal zijn. Goud voorkomt erger als het echt heel slecht wordt, hyperinflatie levert zoveel schade op dat goud dat nooit allemaal zal kunnen compenseren. Goud kan er voor zorgen dat je een deel van je vermogen kunt behouden. Het kan de overige schade die je oploopt enigszins compenseren. Maar goud is geen wondermiddel dat ervoor zal zorgen dat je wel alle zekerheden hebt over de toekomst. En aan zekerheid is heel veel behoefte nu de stabiliteit op financiële markten ver te zoeken is.
We kunnen een Japans scenario krijgen of een Zimbabwaanse situatie of misschien wordt het weer iets heel nieuws. In alle gevallen zullen de gevolgen nadelig uitpakken voor de gewone burger als de overheid door blijft gaan om het financiële systeem te manipuleren. Zowel het eigen huis als het pensioen staan onder druk. Dit zijn toch de belangrijkste zekerheden voor de burgers. En deze zekerheden zullen naar mijn mening verdwijnen. Er is geen plek meer om je geld op een zekere manier kwijt te kunnen.
Financiële markten worden gebruikt om zekerheden af te dekken en in te spelen op de toekomst. Je kan je verzekeren tegen werkloosheid of brand en je kan sparen voor je pensioen. Valt de financiële markt weg dan zijn al deze zekerheden ook verdwenen. Er is dan geen geld meer voor je oude dag of voor arbeidsongeschiktheid. Je zal het moeten doen met het inkomen dat je nu hebt. Financiële markten zijn een heel waardevolle aanwinst om de welvaart te kunnen vergroten. Zonder is het leven veel zwaarder en onzekerder.
De overheidsinterventies en met name het ruime monetaire beleid veroorzaken veel ellende, maar de meeste schade is nog niet aan de oppervlakte gekomen. Het is niet goed te voorspellen hoe het precies zal verlopen in de toekomst. Het is wel duidelijk dat nu de recessie uit laten woeden, minder schade zal doen dan het steeds maar vooruitschuiven van de problemen. Even een paar jaar op de blaren zitten, is echt veel minder pijnlijk dan een echte destabilisering van de financiële markten. Waarschijnlijk zal de overheid doorgaan met stimuleren, want politici kijken maar een paar jaar verder. En eerlijk gezegd degene die op hun stemmen ook. Ik denk dat een verstandige politicus, die de rente op laat lopen, niet herkozen zal worden. Zekerheden worden steeds minder door dit beleid. Een leven zonder goed functionerende financiële markten is echt geen pretje. Over een jaar of vijfentwintig zou ik wel met pensioen willen, maar ik vraag mij af hoe ik hiervoor moet sparen.

Marcel Meijer
www.devrijeeconomie.nl