Lessen van de grootste belegger ter wereld

Lessen van de grootste belegger ter wereldEen recent onderzoek van een drietal wetenschappers geeft een interessante kijk in de keuken van de grootste belegger ter wereld, het Noorse staatsfonds. Is het Noorse model de toekomst van beleggen?

Volgens de wetenschappers Barbary and Bortolotti is Norway’s Government Pension Fund Global (GPFG) de grootste belegger ter wereld. Het…

Lessen van de grootste belegger ter wereld Een recent onderzoek van een drietal wetenschappers geeft een interessante kijk in de keuken van de grootste belegger ter wereld, het Noorse staatsfonds. Is het Noorse model de toekomst van beleggen?

Volgens de wetenschappers Barbary and Bortolotti is Norway’s Government Pension Fund Global (GPFG) de grootste belegger ter wereld. Het fonds, dat wat betreft funding’ vooral wordt gevoed door de olie-opbrengsten van Noorwegen, wordt in toenemende mate als voorbeeld gebruikt door andere beleggers. Een drietal wetenschappers David Chambers, Elroy Dimson and Antti Ilmanen, heeft recent de resultaten en het beleggingsbeleid van GPFG onderzocht.

De paper is om verschillende redenen interessant en niet alleen om te weten wat de resultaten en beleid waren van de grootste belegger op aarde. Het is bijvoorbeeld ook interessant te vernemen hoe GPFG omging met het ook voor hen zware jaar 2008. Er wordt ingegaan op de lessen die ze hebben geleerd en of die aanleiding hebben gegeven om het beleggingsbeleid te wijzigen. Voor degene die interesse hebben, ik denk vooral de institutionele beleggers, hierbij de link naar de paper.

Er is aan aantal leuke conclusies te trekken uit de werkwijze van het Noorse fonds. Het belangrijkste is dat het zich beschouwt als langetermijnbelegger en dat het spreiding, kosten en governance belangrijk acht. Bij de spreidingsgedachte heerst thans de opinie dat er vooral moet worden belegd in liquide assetcategorieën. Tot voor kort waren dat aandelen en obligaties. Pas recent is vastgoed aan de portefeuille toegevoegd. Private equity, infrastructuur e.d. worden – mede vanwege de complexiteit van het beheer ervan – vermeden (hoewel er wel studies lopen om te kijken of hierin alsnog belegd moet worden).

Als langetermijnbelegger kun je het nodige risico aan. Toch belegt het fonds, waarvan de Noorse overheid wil dat het het best beheerde fonds ter wereld wordt, volgens de allocatie 60/40, ofwel 60% in aandelen en 40% in obligaties. Dus veel obligaties, ook in een potentieel offensief profiel. Opvallend is dat de allocatie van 5% naar vastgoed is gehaald uit het obligatiegedeelte, waardoor de allocatie vanaf 2010 (geïmplementeerd in 2011) nu 60/35/5 is geworden. Opmerkelijk is ook dat het Noorse ministerie van Financiën de strategische benchmarks bepaalt.

Het fonds belegt niet alles in huis. Er worden ook mandaten gegeven aan externe beheerders. Men gelooft dat bij aandelen eerder mogelijk moet zijn alpha (extrarendementen op opzichte van de benchmarks) te genereren dan bij obligaties. De paper is verder interessant omdat het ingaat om de nodige uitdagingen die een grote belegger heeft, zoals de prijsimpact van transacties en de spanning van vereiste transparantie versus niet alle ins and outs’ willen vertellen aan de wereld. Ook staat de behoefte om een contraire langetermijnbelegger te zijn die vooral maatschappelijk bewust belegt weleens op gespannen voet met de wens (in dit geval van het Noorse volk) om altijd goed te presteren (relatief en absoluut).

De wetenschappers spreken naar aanleiding van hun bevindingen van het Noorse model’ en plaatsen dit tegenover het Endowment model’. Over dit laatste model heb ik vaker geschreven, bijvoorbeeld in een column van drie jaar geleden. Er zijn natuurlijk veel overeenkomsten (zoals de wens om te spreiden), maar ook veel verschillen. Endowments leunen veel meer op een agressieve vorm van spreiding en dan vooral ook in minder liquide vormen en/of alternatieve vormen van beleggen, terwijl het Noorse model veel meer leunt op minder complexiteit en governance.

De onderzoekers zeggen dat het Noorse model in de toekomst vaker bediscussieerd en ook invloedrijk zal worden. Het is interessant om de twee modellen of stijlen tegenover elkaar te stellen. Maar wat de paper van de wetenschappers vooral aantoont, is dat de Noren nog helemaal niet klaar zijn met hun model en nog over veel zaken nadenken. Laat dat de belangrijkste conclusie zijn. Er is niet één waarheid als het gaat om beleggen en dat beleggingsstijlen, hoe goed beargumenteerd ook, altijd weer evolueren in de tijd.

Harry Geels
Inmaxxa

Harry Geels is directeur Research en partner bij INMAXXA met kantoor te Naarden (www.inmaxxa.nl). Daarnaast is hij uitvoerend hoofdredacteur van Traders Club Magazine (TCM). De informatie in deze opinie is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. De standpunten en vooruitzichten van Geels geven zijn mening weer in zijn hoedanigheid als directeur Research.