Monetair terrorisme

Monetair terrorismeHieronder schetst ik twee gevallen van monetair terrorisme. Niet identiek, wel vergelijkbaar en enorm verschillend qua gevolgen.

Geval #1
In 1913 is de Federal Reserve opgericht, een instantie die eigendom is van enkele particuliere banken. Een van de vier doelstellingen van de Fed luidt als volgt:
 “Conducting the nations monetary…

Monetair terrorisme Hieronder schetst ik twee gevallen van monetair terrorisme. Niet identiek, wel vergelijkbaar en enorm verschillend qua gevolgen.

Geval #1
In 1913 is de Federal Reserve opgericht, een instantie die eigendom is van enkele particuliere banken. Een van de vier doelstellingen van de Fed luidt als volgt:
 “Conducting the nations monetary policy by influencing the monetary and credit conditions in the economy in pursuit of maximum employment, stable prices, and moderate long-term interest rates”
Ondanks dat het bewerkstelligen van stabiele prijzen tot de kerntaken behoort, heeft de dollar sinds de oprichting van de Federal Reserve ruim 98% van zijn koopkracht verloren:

En dan hebben we het alleen over de koopkracht van de dollar op basis van het aantal dollars dat in omloop is gebracht. Zoals mijn column over de kostprijs van het broodje kaas laat zien, hebben we – gelukkig – het basisgeld nog niet in de koopkrachtuitholling van de dollar hoeven mee te nemen. In 1944 stond na het Bretton Woods-akkoord 1 ounce goud tegenover 35 dollars. In 1971 was dat inmiddels 198 dollars en in 2010 zon 3.689 dollars. En wanneer we het herberekende M3-cijfer van John Williams nemen staan ultimo 2010 53.957 dollars tegenover 1 ounce puur goud. Deze dollars zijn vooral in de economie beland doordat Amerikaanse overheden, bedrijven én burgers schulden hebben gemaakt, heel veel schulden.

Zelfs een middelbare scholier kan u uitleggen dat de rek erop een gegeven moment uit moet zijn. Momenteel is de rek er bijvoorbeeld al uit wanneer we kijken naar de debt ceiling, het staatsschuldplafond van Amerika. Wettelijk is vastgelegd dat de Amerikaanse overheid niet meer mag lenen dan $ 14.294 miljard. In de afgelopen week zijn er drie porties nieuwe obligaties in de markt gezet: $35 miljard 2-jarig papier, $35 miljard 5-jarig papier en $29 miljard 7-jarig papier. Ik lees verschillende berichten over het totaalcijfer aan schuld: de één zegt dat dat nu $14.258 miljard is, de ander zegt dat het inmiddels $14.311 miljard is. Het verschil houdt verband met het feit dat niet alle schulden onder het plafond vallen. Zou het om het laatste geval gaan, dan is het plafond al doorbroken. Dat betekent dat de voorspelling van Timothy Geithner, te weten dat het plafond tussen 7 april en 31 mei zou worden bereikt, te rooskleurig was.

Voor Obama wordt het nog een harde strijd om het plafond te verhogen. De Republikeinse senator Marco Rubio liet in zijn column in de Wall Street Journal weten niet in te stemmen met een verhoging van het plafond tenzij het de laatste verhoging ooit is. Voor Obama zelf is het wrang dat hij in 2006, toen nog als senator, één van de 48 tegenstemmers was van de wet die het plafond destijds verhoogde naar 8,6 biljoen dollars (nu dus 14,3 biljoen dollars!). De wet werd overigens met 52 voorstemmers aangenomen. Obama verweet Amerika bij de toelichting van zijn nee-stem een gebrek aan leiderschap wanneer het schuldenplafond opnieuw aangepast zou worden:
“The fact that we are here today to debate raising Americas debt limit is a sign of leadership failure. It is a sign that the U.S. Government cant pay its own bills. It is a sign that we now depend on ongoing financial assistance from foreign countries to finance our Governments reckless fiscal policies. Increasing Americas debt weakens us domestically and internationally. Leadership means that the buck stops here. Instead, Washington is shifting the burden of bad choices today onto the backs of our children and grandchildren. America has a debt problem and a failure of leadership. Americans deserve better.”
Het nu niet verhogen van het plafond is geen optie aangezien dan alles acuut stopt. Het onderzoeksbureau van het Congres becijfert dat de federale regering bijna 70% van de uitgaven voor de verplichte programmas dient te verminderen, dan wel de belastinginkomsten met bijna tweederde dient te vergroten of enige combinatie van deze acties in de tweede helft van 2011 om te voorkomen dat een verhoging van het plafond nodig is. Dit zijn simpelweg onhaalbare maatregelen;  de Amerikaan moet immers blijven eten, dus de Republikeinen en Democraten zullen er samen uit moeten komen.

De oplossing waarmee de Republikeinen en de Democraten ongetwijfeld gezamenlijk zullen komen zal in elk geval betekenen dat de Fed de geldpers weer zal aanzetten en dat de koopkracht van de dollar nog verder wordt uitgehold.

Geval #2
De 67-jarige Bernard von Nothaus werd op 18 maart jl. door een jury in Statesville, North Carolina, veroordeeld vanwege het uitgeven, verkopen en bezitten van zogenaamde Liberty Dollarmunten. De Liberty Dollars werden geproduceerd door een organisatie die inmiddels ter ziele is en die luisterde naar de naam “National Organization for the Repeal of the Federal Reserve Act and the Internal Revenue Code,” of NORFED in het kort. Het doel van NORFED was volgens oprichter Bernard Von NotHaus om te voorzien in een alternatief betaalmiddel voor hetgeen door de Amerikaanse federale overheid wordt uitgegeven, te weten een munt die wordt ondersteund door goud en zilver en dus inflatieproof is. NORFED heeft de Liberty dollars vervaardigd in verschillende denominaties, te weten $1, $5, $10 en $20 in zilver en $500 in goud.

Volgens de US Mint zijn de Liberty Dollars verwarrend voor de consument aangezien ze dusdanig ontworpen zijn dat ze zeer veel lijken op de Amerikaanse munten in omloop. In het bijzonder is dat van toepassing op de in 2007 nieuw uitgegeven 1-dollarmunt. Door de onbekendheid bij het publiek zal men de Liberty Dollar snel aanzien voor de nieuwe 1-dollarmunt.

Von Nothaus kan op grond van een van de drie onderdelen van de uitspraak al tot maximaal 15 jaar gevangenisstraf en $250.000 boete veroordeeld worden. Daarnaast op twee van de drie onderdelen tezamen nog eens 5 jaar gevangenisstraf en $250.000 boete. En tenslotte nog een verbeurdverklaring van 16.000 pond aan Liberty Dollars, met een huidige waarde van bijna $7.000.000.

De landsadvocaat Tompkins zei bij de aankondiging van de uitspraak het volgende ter toelichting: “Attempts to undermine the legitimate currency of this country are simply a unique form of domestic terrorism“, ofwel pogingen om het wettige betaalmiddel van Amerika te ondermijnen zijn niets anders dan een unieke vorm van binnenlands terrorisme.

We zien hier twee gevallen van het ondermijnen van de Amerikaanse dollar. Von Nothaus wil zelfstandig, buiten de US Mint om, dollars produceren die gedekt worden door goud en zilver en dus altijd hun waarde blijven behouden. Maar aangezien het zelf slaan van munten gezien wordt als binnenlands terrorisme wacht hem maximaal 20 jaar gevangenisstraf en $500.000 boete. Bernanke en de Amerikaanse overheid produceren op grote schaal dollars die niet gedekt worden door goud en zilver waardoor het betaalmiddel van alle Amerikanen en de reservevaluta van de wereld zwaar ondermijnd wordt. Het keer op keer aanzetten van de geldpers is echter niet strafbaar en leidt dan ook niet tot strafvervolging. Twee gevallen van monetaire terrorisme derhalve, echter met zeer verschillende gevolgen voor de betrokkenen.