Vanaf de top in mei is de CAC40 hard gedaald. De Franse index doorbrak in januari de neklijn (rond 5250 punten) van een ‘kleiner’ hoofdschouderpatroon. Na een sterke opleving vanaf de bodem in maart, doorbrak… Vanaf de top in mei is de CAC40 hard gedaald. De Franse index doorbrak in januari de neklijn (rond 5250 punten) van een ‘kleiner’ hoofdschouderpatroon. Na een sterke opleving vanaf de bodem in maart, doorbrak de index uiteindelijk de neklijn van een veel groter hoofdschouderpatroon. De doorbraak van deze belangrijke steungrens zette het luik vervolgens wagenwijd open. De CAC40 is sindsdien dermate ver gedaald dat het niveau rond 4000 punten bijna werd aangetikt. Vervolgens veerde de index sterk op waarbij zelfs de dalende weerstandslijn vanaf juni werd doorbroken. Het recente, forse herstel van enkele honderden punten heeft de CAC40 tot boven de neklijn gebracht. Hiermee is echter het negatieve lange termijn beeld voor de lange termijn nog niet veranderd. Pas als de CAC40 met het horizontale weerstandsniveau vanaf 2005 weet af te rekenen, klaart de lucht weer wat op. Zo niet, dan moeten beleggers op hun hoede blijven, want het koersdoel ligt nog mijlenver onder het huidige niveau. Het recente herstel biedt echter hoop: onder het motto ‘drie keer is scheepsrecht’, is de index er ditmaal wél in te slagen de toppen van juli uit te nemen. Wel is de CAC40 bezig met het vormen van een oplopende wig, wat doorgaans geen goed teken is.

