Het getal dat niemand had verwacht
Het renteverschil tussen Franse en Duitse staatsobligaties staat op het hoogste niveau sinds de eurocrisis. Beleggers vragen inmiddels zo’n 120 basispunten extra rendement om Frans schuldpapier aan te houden in plaats van Duits papier, en dat verschil is precies waar het om draait. Niet de rente zelf, maar het wantrouwen dat erin schuilt.
Die 120 basispunten lijken misschien een technisch detail voor obligatiehandelaren. Dat zijn ze niet. Het is het getal waarmee de markt zegt: wij vertrouwen de Franse schatkist minder dan de Duitse, en dat verschil groeit. De laatste keer dat dit soort spreads zo hoog opliepen, zat de eurozone midden in een crisis die bijna tot een uiteenvallen van de munt leidde.
Vanguard, een van de grootste vermogensbeheerders ter wereld, verwoordt het ongewoon direct. Ze spreken van ‘degrading credit’, een kwaliteitsverlies van Franse schuld. Dat is geen taal die grote partijen licht gebruiken over een kernland van de eurozone.
Waarom dit anders voelt dan Griekenland of Italië
Frankrijk is niet Griekenland. Het is niet eens Italië. Het is de tweede economie van de eurozone, een permanent lid van de G7, een land dat decennialang als rotsvast gold binnen de Europese architectuur. En juist dat maakt deze ontwikkeling zo ongemakkelijk.
De eurocrisis van 2011 en 2012 leerde beleggers dat zelfs grote landen kwetsbaar zijn als de politiek vastloopt en de schuld structureel blijft groeien. Frankrijk heeft al jaren een begrotingstekort dat ruim boven de Europese norm uitkomt, en politieke instabiliteit maakt het voor opeenvolgende regeringen lastig om daar iets aan te doen. De markt rekent dat nu in, euro voor euro, basispunt voor basispunt.
Voor wie de eurocrisis bewust heeft meegemaakt, voelt dit vertrouwd. Niet omdat de situatie identiek is, maar omdat het patroon herkenbaar is: eerst stijgt de rente geleidelijk, dan volgt twijfel over houdbaarheid, en pas daarna wordt duidelijk hoe diep het probleem zit.
Wat dit betekent voor jouw portefeuille
Veel Nederlandse pensioenfondsen en obligatiefondsen houden Franse staatsobligaties aan, vaak als onderdeel van een bredere Europese obligatieportefeuille. Dat gebeurde jarenlang zonder veel nadenken, want Frans schuldpapier gold als bijna net zo veilig als Duits papier. Die aanname staat nu onder druk.
Als de spread verder oploopt, dalen de koersen van bestaande Franse obligaties, en dat raakt rechtstreeks de waarde van fondsen die ze aanhouden. Je pensioenfonds merkt dat niet in een dag, maar wel in de koersontwikkeling van de maanden erna. De spaarder die denkt veilig te zitten in staatsobligaties, ontdekt dat ‘veilig’ soms een relatief begrip is.
Tegelijk werkt dit door in de bredere rente- en valutamarkten. Een hogere Franse rente zet de euro onder druk en kan de rente in de hele eurozone opstuwen, ook die op Nederlandse hypotheken en bedrijfsleningen. Fragmentatie binnen de eurozone is nooit een geïsoleerd probleem, het lekt altijd door.
De vraag die telt
De eurocrisis van destijds werd uiteindelijk bezworen door ingrijpen van de Europese Centrale Bank en jarenlange besparingen in de probleemlanden. Of dat scenario zich herhaalt met Frankrijk is nog volstrekt onzeker, en dat is precies het punt. Markten haten onzekerheid meer dan slecht nieuws, en onzekerheid is wat deze spread op dit moment uitstraalt.
Wat zeker is, is dat dit geen geïsoleerd Frans probleem blijft als het escaleert. De eurozone is te verweven om een crisis bij de tweede economie als een lokale kwestie te behandelen.
P.S. Meld je via de affiliate link aan voor de gratis live training aanstaande donderdag om 9:00 uur en ontdek 10 wetenschappelijk bewezen succesvolle strategieën, die werken in goede én slechte tijden: https://www.beleggen.com/training?r=tom
