De CAC40 doorbrak in januari de neklijn (rond 5250 punten) van een ‘kleiner’ hoofdschouderpatroon. Na een sterke opleving vanaf de bodem in maart, doorbrak de index vervolgens de neklijn van een veel groter… De CAC40 doorbrak in januari de neklijn (rond 5250 punten) van een ‘kleiner’ hoofdschouderpatroon. Na een sterke opleving vanaf de bodem in maart, doorbrak de index vervolgens de neklijn van een veel groter hoofdschouderpatroon. De doorbraak van deze belangrijke steungrens zette het luik wagenwijd open. De Franse index is sindsdien dermate ver gedaald dat het niveau rond 4000 punten bijna werd aangetikt. In juli veerde de index sterk op waarbij zelfs de dalende weerstandslijn vanaf juni werd doorbroken. Het recente, forse herstel van enkele honderden punten heeft de CAC40 weer tot boven de neklijn gebracht. Hiermee is echter het negatieve beeld voor de lange termijn nog niet veranderd. Daarnaast is het een negatief teken dat de CAC40 inmiddels uit de oplopende wig is gezakt. Aangezien het daarbij horende koersdoel nog mijlenver onder het huidige niveau ligt, is dit een minder prettige gedachte. Het lichtpuntje is dat de CAC40 vooralsnog boven de bodems van augustus weet te blijven en een hogere bodem lijkt te vormen vanaf juli. De index is momenteel op zoek naar richting en bevindt zich tussen hoop en vrees.

