Frankrijk en de VS zitten met enorme schulden

Frankrijk of Amerika: wie gaat er eerder financieel klappen? (Harmen van Wijk)

Twee kernlanden, één en dezelfde ziekte

Er is de afgelopen tijd iets veranderd in hoe ik naar schuldencrises kijk. Vroeger was het beeld eenvoudig: opkomende landen met zwakke instituties raken in de problemen, en de Verenigde Staten of een groot Europees land bleven de veilige haven waar het geld naartoe vluchtte. Dat beeld klopt niet meer. De Amerikaanse staatsschuld staat boven 40 biljoen dollar, en tegelijkertijd worstelt Frankrijk met een begrotingstekort dat de eurozone vanuit de kern onder druk zet, niet vanuit de rand.

Dat is wezenlijk anders dan wat we in 2011 en 2012 zagen. Toen ging de onrust over Griekenland en Italië, landen die beleggers al langer met argusogen bekeken. Frankrijk is de tweede economie van de eurozone en medeoprichter van de euro zelf. Als daar scheuren ontstaan, is dat geen rand-probleem meer. Het is een testcasus voor de fundering waarop de hele munt rust.
Waarom dit direct jouw rente raakt

Je vraagt je misschien af waarom een Frans begrotingstekort iets met jouw hypotheekrente of pensioenpot te maken heeft. Het antwoord zit in de gedeelde munt en de gedeelde obligatiemarkt. Als beleggers meer rendement eisen om Franse staatsobligaties aan te houden, stijgt de rente niet alleen in Parijs. Via de manier waarop de ECB rente en obligatiemarkten aanstuurt, voelt Nederland dat vrijwel gelijktijdig mee.

Pensioenfondsen beleggen voor een deel in Europese staatsobligaties, en een schok in de Franse rente werkt door in de waardering van die portefeuilles. Voor de gewone spaarder en belegger betekent dit dat een crisis die begint in Parijs, binnen enkele weken zichtbaar kan worden in je eigen pensioenoverzicht of je hypotheekvoorstel. De afstand tussen ‘ver-van-mijn-bed’ en ‘direct-in-mijn-portemonnee’ is bij een kernland veel kleiner dan bij een emerging market.
De vraag die analisten nu serieus stellen

De kop van de Volkskrant-column zegt het bijna letterlijk: wie gaat er eerder knock-out, Frankrijk of de Verenigde Staten? Dat is geen retorische vraag meer voor de borrel, het is een vraag die financiële analisten nu daadwerkelijk doorrekenen. The Economist beschrijft hoe obligatiemarkten wereldwijd politici in de rijke landen onrustig maken, en dat is een cruciale verschuiving in toon.

Het gaat niet meer om de vraag of een kernland kan omvallen, maar om de vraag welk kernland als eerste de rekening gepresenteerd krijgt. Amerika heeft de dollar en de status van wereldreservemunt als buffer, Frankrijk heeft de euro en de ECB als vangnet. Maar een vangnet is geen garantie, en beide landen testen nu hoever die vangnetten werkelijk reiken.
Wat dit betekent voor hoe je nadenkt over risico

Het besef dat hier doorbreekt is ongemakkelijk maar nuttig: schuldencrises zijn niet langer het exclusieve domein van zwakke, perifere economieën. Als kernlanden zoals de Verenigde Staten en Frankrijk kwetsbaar blijken, dan heeft het weinig zin om je portefeuille alleen te spreiden over ‘veilige’ grote economieën en te denken dat je daarmee automatisch beschermd bent.

Spreiding blijft belangrijk, maar de vraag waar het echte risico zit, verschuift. Niet meer alleen naar Athene of Rome kijken, maar ook naar Washington en Parijs. Dat vraagt om een iets scherpere blik op waar je vermogen precies aan blootstaat, en om een strategie die overeind blijft, ongeacht welk kernland het eerst onder druk komt te staan.

P.S. Meld je aan voor de gratis live training aanstaande donderdag om 9:00 uur en ontdek 10 wetenschappelijk bewezen succesvolle strategieën, die werken in goede én slechte tijden (Affiliatelink)

Meer van de auteur

Goudaandeel met potentie

Drie aandelen met fenomenaal koerspotentieel (Jack Hoogland)