Afgelopen twee weken heb ik verschillende redenen gegeven waarom de markten moeten consolideren, mogelijk zelfs (iets) corrigeren. Vandaag zet ik alle argumenten voor deze visie nog even op een rijtje.
Wat we sinds de maartbodem hebben gezien op de aandelenmarkten is de sterkste stijging sinds de bear market rally van 1932. Toen stegen de Amerikaanse aandelenmarkten in drie maanden tijd zo’n 60%, nu ligt de laatste top van de S&P500 49% hoger dan de bodem in maart. Dat we historisch gezien een van de sterkste rallies ooit hebben meegemaakt, moet tot nadenken stemmen. Natuurlijk, het kan altijd anders lopen en de geschiedenis herhaalt zich zelden op precies dezelfde manier, maar wat we ooit aan stijgingen hebben gezien, is wel een belangrijke richtlijn.
Maar er zijn meer argumenten waarom aandelenbeleggers het in principe rustiger aan zouden moeten doen. In mijn column van 5 augustus schreef ik dat de aandelenmarkten technisch overbought staan. De koersen staan te ver weg van de lange Voortschrijdende Gemiddelden. Indicatoren als de Relative Strength Index (RSI) staan op weekbasis erg hoog, zeker gezien de plek waar ze vandaan komen. Oké, we zitten nu technisch in een bull market, maar dit sluit niet uit dat we binnen die bull market ook weer een tijdje kunnen corrigeren.
Fundamentele data, om preciezer te zijn de waarderingen, zijn een derde argument om de laatste stijging met de nodige scepsis te benaderen. In principe ben ik niet zo’n voorstander van het kijken naar waarderingen, omdat ze slechte timingindicatoren zijn en achter de feiten aanlopen. Maar in een breder plaatje, zeker als we extreme bewegingen zien, is het wel goed ze mee te nemen. En als we kijken naar de waarderingen, dan moeten we constateren dat aandelen niet goedkoop meer zijn. Integendeel zelfs.
Bespoke laat in onderstaande figuur zien dat de koers-winstverhouding van de S&P500 in drie maanden tijd is gestegen van circa 10 naar 18,35. Aandelen zijn nu duurder dan ze waren in de jaren 2004 tot en met 2007, toen de beurzen gestaag stegen. Overigens zijn ze nu goedkoper dan het moment dat aandelen weer begonnen te stijgen na de bodem van 2002. Dus dit fenomeen zien we wel vaker: telkens als aandelen beginnen te stijgen tijdens een economische recessie lijken ze duur in termen van koers-winstverhouding. Feit is wel dat, gezien de waarderingen, beleggers een flink voorschot hebben genomen op verbeterende bedrijfswinsten.
Kijken we naar de waardering van een specifieke sector, de beursgenoteerde vastgoedaandelen, dan zien we nog extremere waarderingen. Het dividendrendement van US REIT’s (Real Estate Investment Trusts) is teruggezakt onder het lange gemiddelde van de laatste decennia, te weten 6,43% (bron: IndexUniverse). Amerikaans vastgoed is ook niet goedkoop meer. Beleggers lijken er daar vanuit te gaan, dat de waarde van vastgoed eindelijk weer kan gaan stijgen.
Een vierde argument om nu even niet al te uitbundig meer te zijn op de aandelenmarkten is het feit dat de maanden september en oktober voor de deur staan, traditioneel de slechtste beursmaanden van het jaar. Ik weet het, het gaat lang niet ieder jaar op, maar de seizoensanomalie die zegt dat de herfst een gevaarlijke tijd is op de aandelenbeurzen, is door wetenschappers in talloze onderzoeken aangetoond, en wel over tientallen jaren beursgeschiedenis.
Vorige week schreef ik over de drie fasen van een bull market. De eerste fase is die van de opluchting, de sterke stijging. De twee fase is die van de wall of worry. Hier vragen beleggers zich af of het allemaal niet te snel is gegaan en kijken ze of de fundamenten de stijgingen wel rechtvaardigen. Tegenvallende berichten worden dan sneller gebruikt om (tijdelijk) winsten te pakken. In de laatste fasen gaat bijna iedereen weer mee doen, vooral als de media weer steeds positiever worden over de economie. Het is aannemelijk dat we nu in de tweede fase terecht zijn gekomen.
Harry Geels
Inmaxxa
Harry Geels is directeur Research en partner bij INMAXXA met kantoor te Naarden (www.inmaxxa.nl). Daarnaast is hij uitvoerend hoofdredacteur van Technische en Kwantitatieve Analyse (TKA). De informatie in deze opinie is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. De standpunten en vooruitzichten van Geels geven zijn mening weer in zijn hoedanigheid als directeur Research.
Voor de bijbehorende grafieken verwijzen wij u naar het weekblad.
