RatioPortefeuille: update eerste kwartaal

Op 1 februari is BeursBulletin van start gegaan met een gloednieuwe portefeuille, gericht op de lange termijn. Inmiddels is het eerste kwartaal afgesloten en kunnen we  tussentijds de balans opmaken…. Op 1 februari is BeursBulletin van start gegaan met een gloednieuwe portefeuille, gericht op de lange termijn. Inmiddels is het eerste kwartaal afgesloten en kunnen we  tussentijds de balans opmaken. In het eerste kwartaal van dit jaar maakte de aandelenbeurs een duikvlucht en kon ook de RatioPortefeuille vanzelfsprekend de voeten niet droog houden. De Eurostoxx50-index verloor het eerste kwartaal ruim 17%. De hypotheek- en kredietcrisis, die in 2007 de kop opstak, domineerde ook in het eerste kwartaal van dit jaar het sentiment. Ten tijde van grote onzekerheid op de beurs, zoeken beleggers doorgaans hun toevlucht in dividendrijke aandelen. Fondsen met een hoog dividendrendement kunnen namelijk terugvallen op ‘echte’ waarde en presteren doorgaans beter wanneer de nervositeit toeneemt. In turbulente tijden loopt uiteraard iedere methode waarbij aandelen worden gekocht, averij op indien er geen short-posities als bescherming worden ingenomen.
De kracht van de RatioPortefeuille is dat diverse systemen/modellen worden gecombineerd. Soms werkt de ene strategie beter en soms juist de andere. Om de resultaten nog robuuster te maken, heeft BeursBulletin gekozen voor een mix van bewezen strategieën. In het afgelopen nummer van Beleggers Belangen werd een zeer heldere beschrijving gegeven van deze strategieën. Hieronder vatten we voor u de uitgangspunten van een aantal van deze strategieën kort samen.
Dividendmodel
Met de aankoop van een aandeel verwerft u een stukje eigendom in een onderneming en daarmee krijgt u als aandeelhouder pro rato recht op de winst, dat in de vorm van een dividend uitgekeerd wordt. Jonge bedrijven betalen doorgaans geen dividend om in hun financieringsbehoefte te kunnen voorzien. Volgroeide bedrijven gebruiken daarentegen hun winst deels om te investeren in (vaste) activa, overnames te financieren of de ontwikkeling van nieuwe producten te bekostigen en keren (doorgaans) een gedeelte uit aan de aandeelhouders: het dividend. Ondernemingen met een voorspelbare omzet- en winstontwikkeling keren in de regel een hoger dividend uit. Het dividendmodel selecteert aandelen met het hoogste dividendrendement. Eind 2007 kende bijvoorbeeld Wereldhave een dividendrendement van circa 6%. De koerswinst bedroeg in het eerste kwartaal, gecorrigeerd voor dividend, circa 12%, terwijl de Amsterdamse beurs aanzienlijk daalde.
Waardemodel
Bij het waardemodel staat de waardering van een onderneming centraal, waarbij aandelen met de laagste koers/winstverhouding (k/w) worden gekocht. De koers-winstverhouding is een maatstaf die aangeeft hoeveel keer beleggers de winst per aandeel wensen te betalen. Aandelen met lage k/w’s worden in de regel als ondergewaardeerd beschouwd en hebben doorgaans een wat lagere verwachte winstgroei. Een hoge k/w impliceert dan weer dat beleggers hoge verwachtingen hebben over de toekomstige winsten. Het kopen van aandelen met een lage k/w is evenwel geen garantie voor succes: bij de jaarwisseling kwamen bijvoorbeeld Fortis en Royal Dutch Shell uit de bus als (goedkope) waardeaandelen. De koersen van dit tweetal daalden fors in de voorbije drie maanden. Aandelen met een lage k/w doorstaan turbulente tijden echter beter als deze een relatief hoog dividend uitkeren. Een lage k/w is de resultante van òf een lage koers òf een torenhoge winst.
Groeimodel
Doorgaans worden groeiaandelen gekenmerkt door een hoge k/w en een laag dividendrendement, maar deze zijn vooral herkenbaar aan de hoge groeivoet van de winst. In de praktijk blijkt echter dat de groeivoet van de omzet een betere voorspeller is van het rendement. Zo drukken namelijk investeringen het bedrijfsresultaat, terwijl deze op de omzet nauwelijks een meetbaar effect hebben. Bovendien lenen omzetcijfers zich minder tot creatief boekhouden en worden deze niet door zogenaamde eenmalige kostenposten afgeroomd. Kortom, de groeivoet van de omzet geeft een beter beeld van de groeipotentie van ondernemingen, dan de ontwikkeling van de nettowinst. ArcelorMittal, TomTom en USG werden aan het begin van het jaar aangemerkt als groeiaandelen.
1. De dividendstrategie selecteert aandelen met het hoogste dividendrendementspercentage.
2. De waardestrategie rekent met de nettowinst van het afgelopen boekjaar, waarbij aandelen met de laagste k/w’s worden gekocht.
3. Groeiaandelen worden geselecteerd op basis van de gerealiseerde omzetstijging over drie boekjaren.
Resultaten uit het verleden…
De afgelopen 8 jaar zou met de Ratiomethode een gemiddeld jaarrendement van 19,8% zijn behaald. Resultaten uit het verleden bieden weliswaar geen garantie voor de toekomst, maar kunnen wel als referentie worden gebruikt. Uit bijgaande grafiek blijkt een duidelijke outperformance van de Ratiomethode versus de Eurostoxx50-index. Zelfs bij een structureel dalende beurs hield de Ratiomethode goed stand. Vanaf het jaar 2003 deed de portefeuille het zelfs veel beter dan de benchmark.
Als we de prestaties van de Ratiomethode afzetten tegen de AEX-index (zie tabel), dan zien we dat de AEX-index in het beruchte jaar 2000 5% daalde en de Ratioportefeuille zelfs een winst van 22,7% realiseerde. In de ‘moeilijke’ periode daarna daalde de AEX-index in 2001 met 20,5% en in 2002 met 36,3%, terwijl de Ratiomethode in 2001 8,9% won en in 2002 ‘slechts’ 6,3% verloor. Toen vervolgens de beurs weer aantrok, bewees de methode zich op indrukwekkende wijze: +22,1% (2003), +32,1% (2004), +35,1% (2005) en zelfs +47,8% (2006).
Een nog beter resultaat zou overigens worden bereikt wanneer de aandelen drie jaar zouden worden aangehouden, zo blijkt uit bovenstaande tabel. Wij kiezen echter voor het actief bewaken van de portefeuille, met een jaarlijkse aanpassing van de selectie. De huidige selectie aandelen kent de volgende ratio’s:
Winstrendement: 9,1% (= Koerswinst 11);
Rendement op eigen vermogen: 31,8%;
Dividendrendement: 4,4%;
Standaardafwijking: 22,3%;
Beta: 0,64.
Aan(deel)houder wint
Uit het bovenstaande blijkt dat de aan(deel)houder wint. Men dient zich dus niet blind te staren op het korte termijn resultaat, aangezien het geruime tijd kan duren voordat de markt de onderwaardering onderkent. Uiteraard is het niet prettig om tegen een koersverlies aan te kijken. Maar gezien de indrukwekkende outperformance ten opzichte van de AEX-index (en de Eurostoxx50), hebben wij zeer veel vertrouwen in de nieuwe strategie.
Hoewel wij slechts jaarlijks muteren, worden de posities wel streng bewaakt, zodat er –indien nodig- tussentijds kan worden ingegrepen. Maandelijks ontvangen abonnees van de RatioPortefeuille een overzicht van de Top-10 aandelen zodat u desgewenst een bredere spreiding of tussentijds wijzigingen kunt aanbrengen.
Abonnement RatioPortefeuille
Het afgelopen kwartaal zijn de beurskoersen aanzienlijk gedaald. Enerzijds duidt dit op enorme nervositeit onder beleggers, anderzijds biedt dit juist een mooi instapniveau. Zeker als de strategie voor de lange termijn wordt gevolgd. Door de (forse) koersdalingen, zijn de aandelen immers nog aantrekkelijker gewaardeerd. Vanaf 1 mei kunnen abonnees weer nieuwe adviezen verwachten. Indien u nog geen abonnement heeft, kunt u zich aanmelden via onze site.
Harm van Wijk
Voor de bijbehorende grafiek en tabel verwijzen wij u naar het weekblad.

Meer van de auteur

AEX zet de stijging weer in

Japan: Mission Impasse