Valencia (en anderen) vragen financiële steun

De telegraaf: “De Spaanse regio Valencia heeft de centrale overheid gevraag om financiële steun. De regio zei vrijdag zelf niet over genoeg middelen te beschikken om aan de lopende verplichtingen te voldoen. Hoe groot het bedrag is dat Valencia nodig heeft is niet bekend gemaakt. Het geld moet komen uit een eerder deze maand opgezet fonds dat met een bedrag van 18 miljard euro in het leven is geroepen om noodlijdende regio’s bij te staan. Valencia is de eerste regio die beroep doet op het fonds. Maar in mei vroeg de regio Catalonië al wel financiële steun bij de Spaanse overheid aan.”

Commentaar: verslag van de week. Donderdag schrijft de krant “El Pais”, dat Spanje zijn 60 miljard ook voor andere doeleinden mag gebruiken. Vrijdag, De Communidad Valencia vraagt staatssteun. Zaterdag naar voorbeeld van Valencia leggen ook Catalunia, Castilla La Mancha, Murcia, de Balearen, de Canarische eilanden en Andalucia hun kaarten op tafel. Ook zij waren in de overtuiging dat “Europa” wel effe zorg zou dragen over hun schulden. Zij moeten dit jaar nog even 16 miljard euro geherfinancierd krijgen (m.a.w schuld doorschuiven). Blijkbaar hebben ze hun kaarten te vroeg op tafel gelegd. Volgens de woordvoerder van de Europese commissie waren de documenten verkeerd begrepen. Daarin staat dat ongebruikte middelen voor andere doeleinden kunnen worden gebruikt. Maar daar moet echter apart toestemming voor gevaagd worden aan de andere Eurolanden! Spanje zit structureel vast. Spanje is een land met te veel schulden, te veel subsidies en te veel regels. Het is te zwaar beladen op alle niveaus – nationaal, regionaal, gemeentelijk en financieel. Het moet zich vóór alles bevrijden van deze schulden, deze subsidies en deze regels – van alles wat zich in tientallen jaren van fiscale en administratieve laksheid heeft opgetast. Net zoals “Europa” een zichzelf instandhoudend monster is. Net zo werkt de administratie hier in Spanje. Ieder ondernemend initiatief wordt gefnuikt door ambtenaartjes die hun regeldrift en controle als het hoogste goed beschouwen. Dat de reële economie  draait op werklust, innovatie en inventiviteit, zal hen worst zijn. Hierdoor ontstaat er een generatie wiens hoogste ideaal het is, een ambtenaar te zijn, die zich voedt aan de borst van de wegkwijnende ondernemers.

Meer van de auteur

Goud een gok?

Consistent Rendement in 4 Stappen