Overheidsschulden en kosten lopen op

De rentecurve krijgt een bult en dat is geen goed nieuws (Harmen van Wijk)

Wat er precies gebeurt op de obligatiemarkt

De Amerikaanse rentemarkt vertoont een patroon dat je niet elke week ziet. De 2-jaars en 3-jaars Treasury yields spurten richting 5%, terwijl de 10-jaars daar al een tijdje blijft hangen. Het resultaat is een curve die niet netjes oploopt van kort naar lang, maar een bult vertoont in het middensegment.

Dat klinkt technisch, maar de betekenis is simpel. Beleggers eisen ineens bijna evenveel rente voor 2 tot 3 jaar vastzetten als voor 10 jaar. Normaal gesproken wil je meer compensatie naarmate je geld langer vastzit. Als die extra compensatie wegvalt, zegt de markt eigenlijk dat ze op de korte termijn meer onzekerheid ziet dan gebruikelijk.

Wolf Street noemt dit expliciet een yield curve die uitbult, en dat is niet zomaar een grafiekdetail. Dit patroon dook eerder op in periodes waarin de lange rente uiteindelijk nog verder omhoog kroop, niet omlaag.
Waarom dit voor jou meer is dan een Amerikaans probleem

Je zou denken dat de Amerikaanse Treasury-markt ver van je bed staat. Dat is een misvatting die je duur kan komen te staan. De Amerikaanse rente werkt als een soort wereldwijde ankerprijs voor geld, en via spillover-effecten voelt de eurozone dat mee, ook al gaat het om een ander muntgebied.

Hogere Amerikaanse rentes duwen wereldwijd de kapitaalkosten omhoog. Dat vertaalt zich richting Nederland in duurdere hypotheekrentes en hogere financieringskosten voor de staatsschuld. De ambtenaar die de begroting voor volgend jaar opstelt, rekent met een rentepercentage dat mede in Washington wordt bepaald.

Voor jou als vermogensopbouwer betekent dit dat de rente op je hypotheek, je bedrijfsfinanciering of je obligatieportefeuille niet alleen afhangt van de ECB. Ze hangt ook af van wat er gebeurt met Amerikaanse kortetermijnschuld, een markt die de meeste Nederlanders nooit checken.
De jaren zeventig fluisteren mee

Wie de geschiedenis kent, herkent het patroon. In de jaren zeventig dachten centrale bankiers meerdere keren dat de inflatie onder controle was, tot ze weer opdook. Elke keer dat de markt dacht te hebben gewonnen, bleek de overwinning voorbarig.

Het sentiment nu verschuift van ‘de Fed heeft het onder controle’ naar ‘inflatie is structureel, niet tijdelijk’. Dat is precies de omslag die in de jaren zeventig telkens te laat kwam. De markt prijst kortetermijnpapier nu in als een populaire weddenschap op een snelle inflatie-overwinning, terwijl de langere rente koppig hoog blijft staan.

Die spanning tussen kort optimisme en lange scepsis is precies wat een bult in de curve veroorzaakt. De markt is het letterlijk met zichzelf oneens over hoe hardnekkig de inflatie is.
Wat dit betekent voor je eigen strategie

Wall Street verwacht dat de Amerikaanse overheid rond de 1.000 miljard dollar aan kortetermijnschuld gaat uitgeven, precies op het moment dat de kosten daarvan oplopen. Dat is geen toeval, dat is een overheid die financiert op het moment dat het duurder wordt, niet goedkoper.

Als jij spaart, belegt in obligaties of een hypotheek overweegt, is dit het moment om niet blind te varen op de aanname dat rentes wel weer gaan dalen. De rentecurve zegt je iets anders: de lange rente houdt voorlopig stand, en de kans op verdere stijging is reëel, niet denkbeeldig.

De belegger die dit signaal begrijpt, positioneert zijn portefeuille op houdbaarheid bij hogere rentes voor langere tijd. De belegger die het negeert, wordt straks verrast door precies het scenario dat de rentecurve nu al fluisterde.

P.S. Meld je via deze affiliatelink aan voor de gratis live training aanstaande donderdag om 9:00 uur en ontdek 10 wetenschappelijk bewezen succesvolle strategieën, die werken in goede én slechte tijden

Meer van de auteur

De VS denkt nog altijd de sterkste te zijn

Trump dreigt EU met heffingen. Canada als nieuwe inzet (Harmen van Wijk)